Barcelona 2006

Maandag 3 juli 2006

Nog vanalles te doen, dingetjes schoonmaken, tomaten kopen, niet al te
onbeleefd weglopen van de aardige poolse meneer die beneden bezig is asbest
te verwijderen en maar verhalen blijft vertellen, maar goed de hele
regio Utrecht lijkt te bestaan uit files dus ik heb geen haast.

Om elf uur rijd ik dan "eindelijk" weg. 162360 km op de teller.
De files staan allemaal in de richting van Utrecht en ik merk er niks
van. De zuidelijke ring onder Breda zit vast door een ongeval maar
gelukkig kan ik via de voormalige zuidelijke rondweg. Of het in tijd
veel scheelt weet ik niet, maar het blijft wel in beweging.

Van de aangekondigde chaos op de ring van Antwerpen merk ik niks.
Voorbij Brussel maak ik de eerste stop, op weg naar Namen. Toevallig
dezelfde spot als waar ik vorig jaar met Minette koffie heb gedronken
toen we op weg waren naar Ellen's bruiloft.

Op de E411 Namen-Luxemburg moeten we af en toe een stuk over 1 strook
maar het rijdt lekker door (70 a 80). Af en toe een stop, even een salade
eten of zo en de flesjes voor onderweg bijvullen. Het is heet dus ik
drink veel.

Frankrijk is ook best leuk eigenlijk. Glooiend bouwland, veel graan. Een
beetje jammer van die ontsierende grote silo's. Het lijkt me best leuk
om hier ook eens rond te trekken.

Na zo'n 700 kilometer vind ik het mooi geweest en ga eens denken aan
overnachten. Een stukje voorbij Dijon in een klein plaatsje
Nuits-St-Georges vind ik een hotel. Een nette en rustige kamer voor 38
Euri. Na welverdiend douchen ga ik wat eten in het dorp.
Het terras waar ik wil eten is vol op één tafel voor vier
personen na en een tafeltje helemaal achteraf. Ik heb geen problemen om aan
een vierpersoons tafel te zitten maar de kelner heeft het daar niet zo op
omdat er net vier jongens aan komen en business is business, dus wordt het
achteraf-tafeltje voor me naast het terras gezet.

In Frankrijk hebben ze weinig met 'por favor'. Toch krijg ik het maar niet
uit mijn kop. Soms komt toch het sivoeplet weer naar boven borrelen
maar het verdwijnt meestal even snel als het kwam.
Affijn, men waardeert mijn pogingen en als dank krijg ik cassis-ijs met
spiritus. Getver, het is een soort brandewijn en ik zal er best goed op
slapen maar het is jammer van het ijs.

Affijn, dag 1 verliep OK, mijn autootje doet het goed. 

Dinsdag 4 juli

De Provence: Orange, Avignon, de Pont du Gard, Arles. Herinneringen van
16 jaar geleden toen ik hier gefietst heb komen terug. De boomkikkertjes
of kevertjes of weet ik wat voor beesten het zijn die het karakteristieke
Provence-geluid maken.

Ik ontwikkel een vaste routine bij de stops onderweg. Als eerste gaat de
motorkap open voor een kleine inspectie. Dan even wat eten of drinken,
naar de WC en voor vertrek een paar flesjes bijvullen met drinkwater
uit de jerrycan. Omdat het heet is onderweg drink ik met gemak driekwart
liter per uur.

Het alleen reizen bevalt me best. Het is natuurlijk niet echt gezellig.
Bovendien is mijn cassettespeler ermee opgehouden dus moet ik het hebben
van de locale radio. In Frankrijk hebben ze een station Radio Autoroute
of zoiets dat best draaglijk is en bovendien wel handig vanwege het nieuws
over files en zo. Vooral omdat alle files die ze noemen op plaatsen staan
waar ik al geweest ben of niet in de richting waar ik heen wil.
Ik zie diverse chagrijnige smoelen. Gezellig samen op pad ??

Het voordeel is dat ik geen rekening hoef te houden met een ander. Als ik
nog een stuk verder wil rijden doe ik dat en als ik het even beu ben stop
ik. Het lijkt me wel veel leuker om in leuk gezelschap over de kleine wegen
te rijden en samen te genieten. Op de peage valt niet heel veel te
genieten, het is vooral een hele goede manier om goed door te kunnen
rijden. Het valt me trouwens op hoe weinig verkeer er is en hoe weinig
agressief er gereden wordt. Tot aan Spanje dan toch.

Vlak over de spaanse grens wil ik overnachten. Niet doorrijden naar
Barcelona.
Figueres bevalt me helemaal niet. Daar ga ik zo snel mogelijk weer uit
en na even op de kaart te hebben gekeken zoek ik het in L'Escala, een
plaatsje aan de kust. Daar vind ik een camping. Tamelijk luxe, met
zwembaden, tenniscourt en direct achter de duinen. Maar daar betaal ik
dan ook 35 Euri voor. Als je vijf dagen blijft is het ineens nog maar 45
maar goed, ik ben moe, vies en hongerig dus wat is dan 35 Euro.

Het ruikt hier eh... lekker... soort van. Het is even wennen. Eerst dacht
ik aan urine, dan aan dat australische gras, spinifex en toen bedacht ik
dat het wel eens de geur van de bomen kan zijn.

Woensdag 5 juli

De camping is goed gevuld. Veel landgenoten en nog meer Duitsers. Die zijn
een beetje depri na de nederlaag van gisteren. Italianen laten zich nog
niet zien, die hebben tot diep in de nacht gefeest denk ik. Maar daar
heb ik dankzij mijn oordopjes niks van meegekregen.

De uitdrukking "Het is even zoeken" krijgt op de snelwegen rond
Barcelona een heel eigen betekenis. Als de richting die je nodig hebt
tegelijkertijd op diverse borden staat aangegeven en je geen
idee hebt wat de verschillen tussen die borden betekenen, je geen
bedenktijd krijgt omdat niet zoals bij ons de afslagen van tevoren
worden aangekondigd maar je meteen moet kiezen en daar in het
voortjakkerende verkeer helemaal geen tijd voor krijgt is een vergissing
gauw gemaakt.
Ik beland in Sabadell. Nou ja, dan weet ik meteen hoe ik vanuit
Sabadell in Barcelona kom.

Als ik eenmaal van de snelweg af ben verloopt alles vlot en ben ik in
tien minuten waar ik moet zijn. Wanneer ik de Carrer d'Ausias Marc
oversteek moet ik wel goed zitten.

Residencia Onix

Het is goed opgezet, aan alles is gedacht. Je krijgt een pasje waarmee je
de voordeur en je kamerdeur opent. Ze hebben een parkeergarage onder het
gebouw die je ook kunt openen met datzelfde pasje. Daarvoor moet je dan wel
even 75 Euri voor een maand parkeergenot neerleggen.
Ook gebruik je het pasje om licht en electriciteit in de kamer
aan te zetten. Zo is alles dus vanzelf uit als je weggaat.
Tot slot de airco. Die doet het alleen als de ramen dicht zijn. Daarvoor
hebben ze dan weer reed-relais gemonteerd die dat checken.

De liften zijn van het merk Schindler. Daar sta je dan in Schindler's lift.
Ook al zo efficient geregeld. Ze hebben een stuk of vijf liftschachten.
Op een centraal bedieningspaneel buiten de lift geef je aan naar welke
verdieping je wilt en in het display zie je welke lift je daar naartoe gaat
brengen. In de liften zelf zijn geen knoppen dus je moet wel opletten dat
je in de goede lift stapt, anders kun je weer uitstappen en opnieuw beginnen.
De lift gaat helemaal tot in de parkeergarage. Dat scheelt een hoop
gesjouw.

De rest van de dag doe ik weinig. Ik ga eens kijken naar het zwembad op het
dak, loop naar de Arc de Triomf en doe wat boodschappen.

Ook mijn Renault mag uitrusten in de parkeergarage. Uiteindelijk staat er
164021 km op de teller. 1661 km meer dan toen ik vertrok.

Donderdag 6 juli

De dag begon goed. Namelijk met uitslapen tot tien uur. Daarna eerst het
zwembad op het dak eens uitgeprobeerd. Daar is verder niemand. Het is
geen groot bad: ik ben in vier slagen aan de overkant. Dat is met schoolslag.
Borstcrawl durf ik niet uit te proberen, stel dat het net één en driekwart
slag is, dan haal je toch mooi je handen open.
Door schuin van hoek naar hoek te zwemmen worden de baantjes iets langer.
Er is verder toch niemand dus wat maakt het uit. 
Toch wel heerlijk hoor, helder water, goed van temperatuur en op het dak
van de flat midden in Barcelona. Ik moet dat nog een keer tegen mezelf
zeggen om het goed door te laten dringen en nog besef ik het niet helemaal.

Na dit verfrissende ochtendritueel (vanaf vandaag is dit een ritueel)
loop ik naar het strand. Gewoon de Carrer de Sardenya aflopen. In een
rustig wandeltempo doe ik er 25 minuten over.
Het strand ligt tamelijk vol wit vlees en de zon is ongezond fel. Niks voor
mij besluit ik en ik loop een stukje over de boulevard. Die route ken ik:
langs het terrasje met de veel te dure koffie, het restaurant waar we niet
geholpen werden de toeristische winkeltjes naar het parkje waar de geinige
muurschildering inmiddels is verdwenen.

Via het parkje kom je in Barceloneta. Dat vind ik een van de leukste wijken
die ik in Barcelona ken. Nauwe steegjes met hoge appartementen. Pleintjes
met veel couleur locale. Hier komen ook toeristen, maar om een of andere
reden voelt het toch authentiek. Hier doen de Barceloneta's hun
boodschappen. Hier zitten ze op de terrassen en in de kroegen en
eettentjes. Toeristen lopen hier alleen maar doorheen.

Zittend op het terras, genietend van een goed bakkie koffie, zie je vanalles
gebeuren. Deze wijk leeft. Ik hoor veel Spaans, Castilliaans Spaans bedoel
ik. Catalaans is kennelijk niet verplicht.
"Vale" hoor ik wel veel. Dat is zoiets als OK of goed.

Ik raak aan de praat met het meisje dat het terras van de New Orleans
Coffee & Tea company bedient. Zij spreekt ook geen Catalaans. Ze verstaat het
een beetje. Ze komt uit Colombia, vandaar. Zij wil graag Engels leren maar dat
lukt hier niet zo. Na haar werk is ze moe en niemand spreekt Engels met
haar.

Verderop op de brug langs de jachthaven zitten tientallen Afrikanen met
handel op doeken op de grond. Net als ik er voorbij ben hoor ik een
politiesirene en stuiven de Afrikanen alle kanten op met hun, kennelijk
illegale, handeltjes

Het lijkt alsof het vandaag iets minder warm is. Ik zag net op TV dat
Girona onder water stond. Daar was ik dus net op tijd langs.

Het nadeel van zo'n stad als deze is dat er altijd overal herrie is: van
airco's, verkeer, mensen, roltrappen, werk aan de weg...

Ik loop terug naar de flat via het stadspark, het Parc de la Ciutadella
dus. Best smaakvol aangelegd en ruim opgezet met een grote fontein, een
vijver, veel beschutting en een terrasje.

Bij het teruglopen maak ik een navigatiefout die voortkomt uit feit dat
in Barcelona de zon ondergaat in het noordwesten en niet in het westen.
Alle kaarten van Barcelona doen namelijk net alsof de kustlijn in het zuiden
ligt. Met een windroosje geven ze wel aan dat ze stiekem de orientatie hebben
aangepast en dat weet ik ook wel, maar ik gebruik toch de stand van de
middagzon als indicatie van het westen. Meer dan een halfuur extra heeft
het me niet gekost maar voor de volgende keer weet ik het nu.

Om tien uur 's avonds wordt er buiten op het plein voor de Mercadona een
film vertoond. Het zit vol. Een echte openluchtbioscoop. Hier kan dat.

Vrijdag 7 juli

Vandaag een luierdag. Ik heb gisteren veel gelopen en nu wil ik in de
buurt blijven.

Ik wilde naar Peter Heerschop luisteren op Radio 538 via het internet.
Dat blijkt natuurlijk niet meteen te werken. Ze hebben de stream onder
zo'n drie lagen ASP-troep bedolven. Na het afpellen van al die lagen
heb ik dan toch een stream die werkt. Hetzelfde voor 3 FM.
Waarom doen ze dat toch allemaal zo moeilijk ? Gewoon een link naar zo'n
stream en klaar.

Een tekstje op de muur:
"No critiques a la sociedad... tu formas parte de ella"

Vanochtend ben ik aan het zwembad gaan lezen en even zwemmen natuurlijk
want dat was sinds gisteren een ritueel.
Vanaf het dak kijk je de ene kant de Carrer de Sardenya in tot aan de zee,
aan de andere kant zie je de Sagrade Familia op ongeveer dezelfde afstand.
En een stukje opzij zie je een enorme penis van glas: de Torre Agbar. Dat
is de nieuwste architectonische attractie, als eerbetoon aan Gaudí.

Die gitarist Jordi laat het afweten: heeft ineens de hele maand juli
'cubierto'. Nou, dan vermaak ik me toch lekker zelf. Ik ben vanalles aan
het doorspelen en met ABC aan het uitzoeken en dan ga ik volgende week wel
op zoek naar een ander. Ik vond toch al dat 'ie nogal afstandelijk deed.

Vanmiddag om een uur of vier dacht ik even lekker op het dak te gaan lezen.
Het was er best druk. En heet. Met twintig minuten was ik weer beneden.
Je moet het langzaam opbouwen he, anders verbrand je.
Dan maar even naar de Mercadona. Daar zit ook een grote supermarkt.
Bij een notenbar vraag ik om cashews. Die heten anarcado, maar dat zie ik
terwijl ik het zeg. Ze kent het niet, ketchup noten ?

's avonds is op het plein voor de Mercadona uitvoering van klassieke muziek.
Best mooi hoor, maar het stoort me nogal bij mijn gitaarspel. Gelukkig
duurt het niet te lang.

Na een uurtje liggen (want je wordt moe als je niks doet) ga ik op zoek
naar een salsa-club "Antilla". Carrer Aragón is hier niet zo ver vandaan
dus ik ga vol goede moed wandelen. Inderdaad ben ik in tien minuten daar,
maar die straat blijkt heel erg lang te zijn en ik ben zo'n beetje aan de
verkeerde kant van de nummering. Te krenterig voor een taxi en geen flauw
idee welk metrostation ik zou moeten hebben ga ik de uitdaging aan. Na een
half uur wandelen, puzzels oplossen met straten die diagonaal op de mijne
staan en zoeken van oversteekplaatsen denk ik er sterk over om een taxi
terug naar de flat te nemen. Dan zie ik ineens Casa Batlló en even later
steek ik de Ramblas over. Dat geeft nieuwe energie, ik dacht al dat ik in
een buitenwijk terecht zou komen.
Uiteindelijk vind ik de "Antilla". Entree 10 Euro inclusief één drankje.
Da's goed betaald denk je dan, in gedachten zo'n drie Euro voor het drankje
eraf halend. Tot je een tweede drankje bestelt en blijkt dat alles
vijf Euro kost: bier, cola, de hele rataplan. Daarom is het zo rustig aan
de bar. Goed beschouwd hebben ze erg weinig te doen. Vechtpartijen door
dronkenschap zullen ook wel zeldzaam zijn.

Om half twaalf was er nog bijna niemand, een uur later zit de tent vol en
er blijft nieuwe aanwas binnenkomen. Ik dans met een paar dames en de
salsapasjes beginnen een beetje terug te komen. Nou lijken ze hier
overwegend Cuban-style te dansen en ik heb LA-style geleerd en dat gaat
niet helemaal vanzelf samen. Het is in ieder geval goed voor mijn Spaans,
dat oefen ik eigenlijk meer dan het dansen, ook omdat de dansvloer op een
gegeven moment onaangenaam vol is geworden. Maria uit Peru wil de hele tijd
met mij dansen maar dat gaat eigenlijk helemaal niet samen. Desondanks
vermaken we ons wel.

Zaterdag 8 juli

Wanneer merk je dat je oud wordt ? Als je na een avond stappen, en dan
bedoel ik niet doorzuipen tot het licht wordt, maar gewoon om half drie
thuis met twee biertjes op, de volgende ochtend ondanks lang uitslapen
totaal brak wakker wordt.
Vanochtend merk ik dat ik oud word.

Ontbijt en douche maken veel verschil en ik ga eerst maar eens de
weekendboodschappen doen en ergens koffie drinken.

De middag breng ik vooral door met lezen en gitaar spelen. Ik kan Harry
Sacksioni's "Meta Sequoia" weer spelen ! En stukken beter dan een jaar of
wat geleden. Kennelijk heb ik in de afgelopen jaren toch wat bijgeleerd en
waardoor ik een stuk dat ik jaren niet gespeeld heb nu makkelijker speel.

Vanavond zou ik eens echt lekker gaan eten. Gamba's bijvoorbeeld.
Op naar Barceloneta, mijn favoriete wijk toch wel. De voortekenen waren
goed: acht uur 's avonds, lekker zacht buiten en met de energie die de
gitaar me gegeven heeft. Jammer dat ik buiten mijn eigen stupiditeit
gerekend had. Ik liep eerst om Barceloneta heen, langs de achterkant van de
boulevard: het meest toeristische stuk van de stad na de Ramblas. Daar
laten de visrestaurants geen ruimte over voor gewone huizen en al helemaal
niet voor 'gewone' restaurants, dus mag je verwachten dat je daar goed vis
kunt eten.

"El Rey de la Gamba": de Koning van de Gamba. Je zou denken dat het daar
goed gamba's eten is. Nou heet daar het hele rijtje zo en vaak staat
dergelijke massaconsumptie gelijk aan slechte service en twijfelachtige
kwaliteit. Maar als daar zoveel mensen eten en het lekker schijnen te
vinden kan het toch ook weer niet zo slecht zijn dus ik waag de stap.

O ja, ik reis alleen. Dat sluit deuren die voor anderen geopend worden.
Als individu ben je niet interessant voor de horeca want dat laat stoelen
onbenut. Ik word dus naar een tafeltje achteraf gedirigeerd, waar nog
niemand zit, ver weg van potentiele gezelligheid.

Als je alleen aan tafel zit wordt in de toeristische gebieden al tijdens
het eten regelmatig heel opzichtig gekeken of je nog niet klaar bent, er
wordt niet, zoals bij tafeltjes met meerdere personen, gevraagd of alles
naar wens is en een schaaltje of bordje dat ook maar enigszins de schijn
wekt niet meer voor mij van nut te zijn wordt haastig weggehaald onder het
mompelen van iets als "finish ?".
Als je alleen aan tafel zit let je natuurlijk ook meer op dit soort dingen
want je moet toch iets doen.

Het personeel van dit terras is bekend met het zojuist beschreven fenomeen en
probeert dit tot op de letter na te leven. Ze gaan zelfs nog een stapje
verder door elk oogcontact te mijden. Het lijkt wel of ze bang zijn dat ik
nog langer blijf zitten als ik het naar mijn zin heb. Wie mij kent weet
dat niemand zo langzaam eet als ik dus ze kunnen hun lol nog op.

Ik wil dus gamba's. Laat ik niet de allerduurste nemen, maar gewoon gamba's
in knoflookolie. Daar krijg je niks bij, begrijp ik van de ober die het Engels
waarschijnlijk geleerd heeft van toeristen maar stug weigert om Spaans met
mij te spreken, zelfs als dat onze communicatie ten goede zou komen. Ik heb
ook een menukaart in het Engels dus dat ondergraaft mijn positie enigszins,
maar als ik (de klant) graag Spaans spreek dan doe je daar als ober
(de opdrachtnemer) toch aan mee. Hij niet.

Ik wil er wel iets bij van frietjes en wat struikgewas. Hij begint moedig
te bladeren in de menukaart, komt er niet uit en dus bestel ik er maar een
gemengde salade en een biertje bij. Een klein biertje maar ? Geen halve
liter ? Hij probeert het, trekt een verontwaardigd gezicht, maar tevergeefs.

Uiteindelijk zit ik dan met een schaal vol gamba's in knoflookolie en een
bord met een volledige krop sla en hier en daar wat stukjes tomaat, ei
en een paar olijven.

De tafel naast me krijgt inktvisringen, frietjes en sausjes bij de gamba's.
Dat had ik ook wel gewild, maar zonder assistentie van, nee zeg maar met
tegenwerking van zo'n ober is het al een prestatie dat ik meer dan
één schaal op tafel heb.

Terrassen in de toeristische hoek hebben vaak de belangstelling van
allerlei kooplieden en muzikanten. Ook hier zijn de Hindoestanen met rozen
niet te tellen (het lijkt Amsterdam wel) en we krijgen live muziek van
een gozer met accordeon. Ik denk dat hij niet veel ophaalt want het ding
is zo vals als een leeuwin met jongen.

Na het eten loop ik terug door Barceloneta en ga even koffie drinken bij
de Coffee & Tea Company, daar kun je tenminste van op aan. Een echt
lekkere bak voor één Euro en een glimlach van een leuke
Colombiaanse, dat maakt toch veel goed.

Zondag 9 juli

Naast Barcelona ligt Montjuic, een berg of liever gezegd een heuvel. Je
bent er zo met de metro, die ze voor het gemak een stukje doorgetrokken
hebben de heuvel op, waar het meer weg heeft van een kabeltrein.

De wandeling om levert spectaculaire uitzichten over de stad op. Ik ben ook
een van de weinigen die hier wandelt, de meeste mensen duiken meteen het
zwembad in, gaan met de auto of een toeristenbus naar het kasteel boven op
de berg. Jammer voor ze, lekker voor mij want ik kan ongestoord foto's
maken en genieten van het uitzicht.

Boven op de heuvel is zoals gezegd een kasteel. Ik had geen zin om naar
binnen te gaan, dat kan altijd nog. Er omheen lopen lijkt me veel leuker
en dat levert dan weer geweldige plaatjes op van de haven en het vliegveld
van Barcelona. Het is trouwens heerlijk om lekker buiten te wandelen in
iets dat meer weg heeft van natuur dan de binnenstad van Barcelona.

Helemaal boven is bovendien een terrasje waar ik een tijdje onder een
parasol heb gezeten, een paar bladzijden in mijn spaanse boek heb gelezen
en patatas gegeten. Ik had wel zin in frietjes. Maar wat denk je ?
Komt ze met een zakje chips aanzetten. Patatas fritos. Haha gefopt.
Waar heb ik dat eerder meegemaakt ? Tuurlijk, met Nico in de USA.

's avonds is de finale van de WK voetbal. Dat is meteen een manier om eens
wat anderen uit deze flat te ontmoeten. Nou ja, ontmoeten...er zijn diverse
groepjes die elkaar al een tijdje lijken te kennen. Vooral jongen mensen die
hier studeren, vakantiewerk doen of een taalcursus volgen. Veel Amerikanen.
Er is ook een nederlands chinees meisje dat in Nederland Chinees studeert
en zo'n lange vakantie heeft dat ze hier vijf weken Spaans gaat leren.

Het valt me ook op dat veel mensen in deze flat zichzelf eigenlijk te goed
vinden voor de andere aanwezigen. Ze kijken je niet eens aan. Wat ik dan wel
weer grappig vind is dat zo'n opgetut italiaans teefje niet goed oplet in
welke lift ze moet stappen, angstvallig probeert me niet aan te kijken als
ze in mijn lift stapt en dan niet weet hoe ze zich moet houden wanneer ze
beseft dat ze in de verkeerde is gestapt.

Over het personeel niets dan goeds: die zijn vriendelijk, behulpzaam
praten Spaans en Engels en maken grapjes.

Maandag 10 juli

Naast veel verkeerslichten voor voetgangers hangt tevens een oranje
knipperlicht. "Attent dat ze de automobilisten waarschuwen dat er
voetgangers oversteken" denk je in het begin, tot je beseft dat die
knipperlichten de voetgangers moeten waarschuwen dat er ook auto's
in het spel zijn.
Het licht staat op de meeste plaatsen behoorlijk lang op groen, maar als
het op is is het ook op: het groene licht knippert twee keer, gaat dan
over in het rode licht en op datzelfde moment krijgt het overige verkeer
groen. Als je midden op de weg bent als het licht gaat knipperen moet je je
haasten om aan de overkant te komen en beginnen met oversteken wanneer het
groene licht knippert kun je maar beter uit je hoofd laten.

Vandaag zou ik lessen Spaans gaan regelen. Ik had er geen zin in.

In plaats daarvan ben ik bij diverse gitaarshops langs geweest, op zoek
naar een nieuwe gitaar. De ene shop heeft er maar een paar, bij een andere
zit de telefoon aan het oor van de verkoper vastgelijmd, de volgende is
meer een hardrock-cafe dus niet echt de plaats om een spaanse gitaar uit te
proberen.
De laatste winkel heeft een groot assortiment en ik word goed geholpen. Ik
spreek af om even met mijn huidige gitaar langs te komen om te kijken of
daar nog wat aan versleuteld kan worden zodat 'ie wat lichter speelt.

Op de terugweg ga ik even lunchen op een terrasje in de oude stad. De
bedoeling is dat je een bord op tafel krijgt dat je dan zelf binnen gaat
vullen met hapjes en later afrekent aan de hand van het aantal prikkertjes
op je bord. Leuk idee, lekkere hapjes, al zijn ze niet goedkoop.
Naast me zit een belgische familie. Die zijn lekker op vakantie en hebben
er lol in. Tot er twee armoedige vrouwen met kindje op de arm komen bedelen
en de belgische man lastig beginnen te vallen. Ze duiken zelfs op de
hapjes, maar achteraf gezien hadden ze waarschijnlijk meer oog voor de
digitale camera's die op tafel lagen. De Belg weet ze adequaat weg te
jagen.
En dan komt daar natuurlijk een accordeonist. Hij speelt wat liedjes bij
het terras aan de overkant en komt dan bij ons collecteren. Ik zeg dat ik
hem niet gehoord heb, dus raffelt hij voor mij nog een liedje af en is
verontwaardigd dat 'ie maar 50 cent krijgt.

Ik krijg een complimentje van de serveerster dat mijn Spaans zo goed is.
Die serveersters hier mag ik wel.

Ik heb gisteren een winkeltje met skates en dergelijke ontdekt. Daar ga ik
even informeren waar het goed skaten is in Barcelona. De vriendelijke man
schrijft een paar websites op zijn visitekaartje. Die ga ik meteen even
opzoeken. Er is een groepje bij dat het leuk vindt om extreme dingen te
doen op skates, zoals zo hard mogelijk van allerlei hellingen af denderen.
Dat zie ik niet zo zitten.
Bij een andere moet je eerst lid worden om mee te mogen skaten. Misschien
ga ik dat nog wel doen ook.

's avonds kom ik weer bij de gitaarwinkel, nu met mijn gitaar. Jammer, de
dame die me vanochtend zo goed hielp is er niet. Een man van middelbare
leeftijd en bovenmiddelbaar gewicht zal wel eens even naar mijn gitaar
kijken. Niks mis mee, vindt hij. Bij concertgitaren zitten de snaren ook
zo ver van de toets. En je kunt er toch nog gewoon op spelen ? Repareren
heeft geen zin, snap je ?
Ehhh..... ja meneer.

Ik krijg echt een beetje een sik van die mensen die me niet helemaal
serieus lijken te nemen. Dat mijn Spaans niet volmaakt is betekent niet
dat het met de rest van mijn verstandelijke vermogens ook zo droevig
gesteld is. Toch begrijp ik nu wel een beetje hoe de Ali's en Mohammeds
zich in Nederland moeten voelen.

Ik blijf wel gewoon bij mijn ouwe Granados en ga thuis wel weer eens bij
mijn favoriete winkeltje kijken.

Dinsdag 11 juli

Vandaag maar eens de was doen. Ik heb de doorgezwete t-shirts van de
heenreis nog niet eens gewassen. Terwijl de machine draait ga ik maar
weer eens zwemmen.

's middags ben ik met gitaar naar het park gegaan. Eerst maar eens een
beetje rondlopen, een plekje zoeken waar ik in de schaduw durf te gaan
zitten en de gitaar tevoorschijn halen. Dat laatste doe ik niet meteen:
eerst wat lezen, de gitaar tegen een boom en mezelf een houding geven
die zegt dat ik hier toevallig voorbijkwam met die gitaar.
Gelukkig komt er een Afrikaan langslopen met gitaar over de schouder.
We groeten elkaar en raken aan de praat. Hij speelt reggae en wil graag
blues leren spelen. Hij heeft een hele tijd geleden een boek gekocht
maar snapt het systeem niet. Dat kan ik hem wel uitleggen. We halen onze
gitaren tevoorschijn en gaan aan het spelen. Nu ik hem de tablatuur uitleg
wordt leeft hij helemaal op, geweldig vindt hij het dat hij het eindelijk
begrijpt. Na een tijdje komen er nog wat vage figuren bij ons zitten, nog
een met een gitaar. Het wordt nog gezellig. Shaibu komt uit Ghana en omdat
ik daar ook geweest ben kan ik er een beetje over meepraten.
Geweldig dat ik hem zo blij kan maken met wat kennis en goed voor mijn
zelfvertrouwen dat we in het park muziek hebben gemaakt.

Teruglopend valt me de contactarmoede weer op en het chagrijn. Dat heb je
waarschijnlijk in elke grote stad, maar waarom groet zo'n Ghanees dan wel
en komt een praatje maken en kijken de meeste andere mensen alsof ze je het
recht op ademen niet gunnen ?

Wat me ook opvalt is dat dit land enorm veel electriciteit moet verbruiken
met al die airco's.

's avonds ga ik met de skates over mijn schouder in de metro naar het
voormalig olympisch dorp. Daar trek ik de skates aan en skate parallel aan
het water naar het terrein van Forum 2004. Geen mooie route maar wel
lekkere grote lappen asfalt dus het schiet wel op.
Het forumterrein is verworden tot een kale boel van beton en asfalt.
Je kunt er wel lekker skaten: slalom naar beneden tussen de boompjes.
Ik raak aan de praat met Juan en Marcos die ook skaten. Ze vertellen dat
de Avinguda Diagonal een prima route is om terug te skaten en omdat zij
toevallig dezelfde kant op gaan als ik skaten we samen.
Inderdaad een prima skate-route: brede fiets/wandelpaden in het midden
zodat je alleen last hebt van auto's op de kruispunten.
Het is een indrukwekkend gezicht, vooral in de buurt van de Torre Agbar.
Ik zal het nog eens moeten doen want het filmpje op mijn mobieltje is
verdwenen.
Net als Juan en Marcos, die hun eigen weg weer gaan.

Woensdag 12 juli

Het is woensdag. Dat betekent dat mijn kamer een beurt krijgt. Jammer
genoeg alleen mijn kamer, maar wie het kleine niet eert...
De schoonmaakdame is een vriendelijke negerin die zich verontschuldigt
dat ze mijn kamer binnenkomt. Ja hoe moet je anders de boel schoonmaken.
Ik zeg haar dat ik wel even wegga, dan kan ze haar gang gaan.

Ik ga me in de tussentijd even vermaken in en om het zwembad. Daar ben ik
een hele tijd de enige. Heerlijk rustig. Als de bewonders dan toch allemaal
contactgestoord zijn ben ik liever alleen. Na een tijd komt er inderdaad
een vrouw (meisje zou ik niet meer durven zeggen, als zou het goed kunnen
dat ze nog geen dertig is) op het zonnedak, begint zonder iets te zeggen
met een ligstoel te schuiven. Ik zeg gedag maar krijg geen antwoord.

Bij mijn kamer teruggekomen moet ik mijn pasje zoeken ergens onderin mijn
tas. De schoonmaakdame ziet me aanmodderen en maakt de deur even voor me
open. Echt aardig.

Ik heb vanmiddag afgesproken met Narcís en Anna. Ik wandel door het
park naar de universiteit, een wandeling van pakweg twintig minuten.
In het park is het een gezellige drukte met groepen schoolkinderen en kleuters
en wat hun juffies, meesters of begeleiders lijken te zijn. Ze hebben schik,
er treedt een band op en er wordt gedanst.

Omdat ik tijd zat heb loop ik even door iets dat voor een botanische tuin
kan doorgaan. Het is er lekker koel en ik ga er even de krant lezen.

Vandaag in de krant: dit land verbruikt een enorme hoeveelheid
electriciteit met al die airco's. Gisteren een recordomzet.

Ook in de krant: mensen op het werk ruzieën over de temperatuur. De een
vindt het te koud, de ander te warm. Net als thuis dus.

De universiteit ligt op een steenworp afstand van dit prachtige park. Nou
ben ik in de afgelopen jaren al zeker twintig keer op verschillende
manieren naar die UNI gelopen en nooit heb ik dit geweten.

Het weerzien met Narcís en Anna is erg leuk. We gaan op een terras lunchen
en bijkletsen. Daarna laat ik ze nog wat van mijn werk zien en zij
vertellen wat over het hunne. Ze geven wat adviezen over mooie plekken in
Catalunya en ik spreek met Narcís af om hem op de terugreis op zijn
vakantie-adres op te zoeken.

Ik hoorde laatst iets over winkelmandjes met sleurbeugel. Hier hebben ze
die al:
  Mandje 1
  Mandje 2
Het heeft wel iets maar je loopt toch een beetje voor gek met zo'n huisdier
achter je aan.

Gisteren is het filmpje van het skaten verdwenen dus ga ik opnieuw naar
de Diagonal. Nu maak ik meerdere filmpjes en zie kans om ze te bewaren.
Het is weer lekker om daar te skaten, als is de sensatie van de eerste keer
alweer minder. Dat heb je met adrenaline.

Even wat drinken op een terrasje in het Centre Comercial. De ober is niet
erg vriendelijk maar dat ben ik inmiddels gewend. Bij het afrekenen wordt
hij wat opener. Blij dat ik ga misschien ?

Het ritme hier is anders dan in Nederland. Kinderen zijn tot laat buiten,
er wordt laat gegeten en 's middags van 14:00 tot 17:00 is alles dicht.

Daarom ga ik na het skaten nog even een pizza eten. Ik kan mijn Spaans weer
wat oefenen met twee dames die Nederland ook kennen. De ene gaat ook
'altijd' met de auto.
Zij vertelt ook wat me al opviel in deze wijk: het stikt hier van de Chinezen
en de chinese winkeltjes schieten als paddenstoelen uit de grond. De grote
vraag is dan natuurlijk: hoeveel padden kan zo'n stoel dragen ?

Donderdag 13 juli

Een tamelijk saaie dag. Het is bewolkt, grauw en klam. Ik heb weinig leuks
te vertellen behalve over het skaten 's avonds. Om 22:30 zou een groepje
van de Placa Catalunya, hadden Juan en Marcos verteld. Ik zorg dat ik er
op tijd ben, ga daar alvast op een bankje zitten, wat lezen en rondkijken
en inderdaad komt er na en tijdje een skater het plein op en nog een en nog
een. Ik skate naar het groepje in wording en zeg dat ik over ze gehoord
heb. Dat ik met ze meega lijkt meteen vanzelfsprekend, ik hoef er niet eens
over te beginnen.

Het skaten was fantastisch ! Eerst over de Ramblas (!), dan een heel stuk
omhoog, vreselijk hard werken. En dan met een noodvaart omlaag. Ze hebben
precies uitgezocht wanneer we alle stoplichten mee hebben. Meestal werkt
dat en zo niet dan hoor je om je heen een hoop gefoeter, gezeur en piepende
remblokjes.
We zijn om half elf vertrokken en om tien over een ben ik weer in Onix.
2.5 uur dus, een flinke tocht in flink tempo. Ik ben doorweekt. Om
middernacht zag ik dat het nog 28 graden was.

Ze vragen of ik morgen ook meega. Ik denk dat ik mijn plekje verdiend heb.

Vrijdag 14 juli

Mijn nieuwe oordopjes doen het goed. Daarmee hoor ik de airco van de
Mercadona nauwelijks nog, of in ieder geval op een niveau dat doenlijk is
om bij te slapen. Het is alsof er dag en nacht een vliegtuig staat warm te
draaien, zelfs met de ramen met dubbel glas helemaal dicht. En ik hou niet
eens van airco.

Geweldig die Boqueria !!! Maar ik moet nog eens terug om die leuke meid van
de fruitdrankjes te vragen mijn foto opnieuw te maken want die is niet scherp.
Mijn eigen schuld want ik had mijn camera verkeerd ingesteld.

Hee wat is dat nou, het trekt helemaal dicht en het gaat zelfs regenen.
Straks gaat die Friday Night Skate niet door. Nou weet ik wel dat Barcelona
al maanden zit te springen om regen, maar daar heb ik geen boodschap aan:
ik ben gekomen voor de zon, daar heb ik een hoop moeite voor gedaan en dan
moet dat ding maar schijnen ook.

De regen houdt gelukkig snel op en verder blijft het droog dus skate ik
naar de voormalige Olympische haven.

Leuk dat een aantal skaters van gisteren me herkennen en zelfs mijn naam
nog weten.
Zo ook Antón, die me ook aan een paar anderen voorstelt. Hij gaat ook nog
een vriendin halen die zo te zien nog weinig skate-ervaring heeft maar voor
deze tocht is dat minder erg dan gisteren.

We skaten over de boulevard, door allerlei straatjes en over pleintjes
waar mensen zitten te eten en weer over de Ramblas, het wordt bijna
routine. Geweldig ! Ik had nooit gedacht hier met pakweg honderd mensen in
hoog tempo langs de gedekte tafeltjes te razen. Af en toe worden we
aangemoedigd, maar vaak ook kijken mensen een beetje benauwd als zo'n
enorme groep skaters op ze af komt.

Wat me nu eigenlijk pas opvalt is hoe goed Barcelona is ingericht voor
skaten: geen ontbrekende stoeptegels, veel asfalt en op alle kruispunten
hebben de trottoirs een schuine rand en gaan naadloos over in de weg.

Mijn Spaans gaat met sprongen vooruit, vooral het begrijpen van wat mensen
zeggen. Behalve als ik moe ben. Dat blijkt wanneer we na het skaten op een
terras zitten. Ik krijg er met moeite nog wat zinnen uit en af en toe vang
ik flarden van het gesprek op maar het meeste gaat aan me voorbij. Wat ik
me nog wel herinner is dat ze in Spanje een Navidad-loterij hebben, zoiets
als de staatsloterij van 31 december. Nou is er een dorpje dat heet Sort,
dat is Catalaans voor suerte: geluk. In het verleden was meermalen een grote
prijs gevallen op loten die in Sort gekocht waren. Bijgelovig als ze zijn
dachten mensen toen dat dat geen toeval was en gingen in Sort loten kopen met
als gevolg dat daar nog meer prijzen vielen. Nogal logisch. Het betekent niet
dat je meer kans maakt op een prijs, wel dat de kans dat prijzen in Sort
vallen toeneemt. Maar die logica is niet aan iedereen besteed.

Naar het schijnt wordt inmiddels dertig procent van de loten voor de
Navidad-loterij in Sort verkocht en is de verkoop in de zomer al in volle
gang. De plaatselijke middenstand vaart er wel bij: mensen hebben eten nodig
en er zijn er zelfs diversen die meteen maar in Sort overnachten want de
omgeving schijnt ook nog eens erg mooi te zijn.

Volgende week ga ik die kant op. Als ik daar toch ben moet ik meteen maar
even een paar loten kopen.

Zaterdag 15 juli

De Sagrada Familia. Die enorme Gaudi-kathedraal. Die kolos die je overal
boven de stad uit ziet, die op bijna alle ansichtkaarten uit Barcelona
staat en waar dagelijks duizenden toeristen op af komen.
Die ligt op een kwartier lopen hier vandaan.

Dat kwartier heb ik er wel voor over om er nog eens een paar keer omheen
te lopen. Deze keer ga ik 'm niet beklimmen. Dat heb ik al twee keer gedaan
en deze keer laat ik het maar aan me voorbijgaan. Je moet er trouwens vroeg
bij zijn, nu staan er lange rijen:


Enorme kranen staan al jaren in en om de Sagrada Familia om allerlei
bouwmaterialen naar binnen te hijsen. Kijkend naar die prachtige
kathedraal, proberend een onderscheid te maken tussen het geheel en de
overweldigende hoeveelheid details vraag ik me uiteindelijk maar één
ding af: hoe zet je zo'n enorme kraan in elkaar ? Stom he.

Waar ik nou nooit bij stilgestaan heb: de Sagrada Familia heeft een adres
en zelfs een brievenbus: Carrer de Mallorca 401.

Barcelona heeft een uitgebreid metro-net. Soms kun je het voelen wanneer er
een trein onder je door raast. Zo ook in het parkje hier vlakbij waar ik
even naartoe ging om de airco-herrie en de toeristen te ontvluchten en wat
gitaar te spelen. Zittend in het gras voel je af en toe de aarde trillen
en hoor je een geluid als van een flinke waterval.

Er is vandaag een feest in de wijk Poble Sec. Dat weet ik van Maria die me
per SMS heeft uitgenodigd om naar een feestje bij vrienden te gaan. Poble
Sec is een oude wijk met veel leuke kleine straatjes.
We spreken af bij de metro Sagrada Familia tussen de Pizza Hut en Kentucky
Fried Chicken. Waar heb je mobieltjes voor nodig als je op zo'n plek
afspreekt ? Zou Gaudi ooit hebben kunnen dromen van mobieltjes ? En van
Pizza Hut of KFC ?

Maria studeert Catalaans. Met frisse tegenzin. Ze moet het leren voor haar
werk met kleine kinderen, maar ze vindt het een lelijke taal. Dat moet je
wel zachtjes zeggen want de Catalanen zijn er vreselijk trots op en erg
gevoelig voor de kleinste negatieve uitlating over hun taal.

Volgens een wet uit 2002 moeten alle opschriften op winkels e.d. in ieder
geval in het Catalaans zijn. De helft van de winkeliers houdt zich niet aan
die wet. Een deel ervan is het waarschijnlijk met Maria eens. Ik trouwens ook.

Bij een ander metrostation voegt zich Jennifer uit de USA bij ons. Zij
woont al negen jaar in Barcelona en spreekt beide talen vloeiend, voorzover
je bij Catalaans van vloeiend kunt spreken. Het klinkt toch vaak alsof je
iets uit je keel probeert te hoesten. Ongeveer zoals Nederlands voor
buitenlanders klinkt dus.

Samen lopen we naar het huis van die vrienden die vrienden van vrienden
blijken te zijn want Maria kent ze ook niet. Zelfs Jennifer moet met het op
een papiertje geschreven adres het huis zoeken.

Een feestje bij mensen thuis in Barcelona. Dat had ik een paar weken
geleden niet voor mogelijk gehouden. We hebben allemaal iets te eten
meegenomen. Er is couscous, een lekkere salade, allerlei broodjes,
worstjes en andere hapjes. Ik heb brood met tomaten en meegenomen en mijn
potjes pesto en tapenade uit Nederland vallen erg in de smaak.

Ik moet moeite doen om iets van de gesprekken mee te krijgen en meng me er
maar nauwelijks in. Al met al behoorlijk vermoeiend, maar wel leerzaam.
Omdat we uit diverse uithoeken komen Catalunya, Italië, USA,
Peru, Nederland en Frankrijk, wordt er gelukkig het algemene Castilliaanse
Spaans gesproken.

Ze maken piña colada en lekker ook. Er zit een behoorlijke dosis rum
in denk ik. En het blijft maar komen, op het laatst zelfs in een pannetje
dat rondgaat om de glazen bij te vullen.

Zo rond half twee wil de groep naar buiten. Het feest op straat is nog in
volle gang maar ik ben moe en wil naar bed. Maria denkt er ook zo over dus
wandelen we samen naar de metro. Na een paar haltes stap ik uit en moet dan
nog een paar minuten lopen. Maria moet nog een keer overstappen.

Vermoeidheid en voldoende piña colada maken oordopjes overbodig en
bij de geluiden van een dampend hoogtepunt bij de buren val ik in slaap.

Zondag 16 juli

Piña colada is erg lekker. Veel Piña colada is nog lekkerder.
Het zorgt er alleen wel voor dat het wennen aan het daglicht de volgende
ochtend iets langer duurt dan anders.

Het wordt een rustig dagje, met de gitaar naar het park, waar na een tijdje
drie marokkaanse jongens erbij komen zitten. Best leuk met twee gitaren en
een darbuka.
Toch raar dat ik wel de hele tijd op mijn hoede ben. Waar zit dat in ? Ik
denk in de manier waarop ze kijken, de vragen die ze stellen en de hash die
ze roken.

In zo'n stad als Barcelona leg je wandelend heel wat kilometers af. De
kruispunten. zijn ook tamelijk onhandig voor voetgangers waardoor je veel
meer meters aflegt dan wanneer je rechtdoor zou kunnen lopen.

Op zoek naar iets te eten neem ik dus de skates. Dat gaat aanzienlijk
sneller. Heel toevallig ontmoet ik Maria bij de Sagrada Familia. Zij heeft
een afspraak met een mexicaanse vriend Sergio. Ze vinden het leuk als ik ook
mee ga naar een terrasje. Daar voegt zich nog een mexicaanse vriendin bij
ons en het wordt gezellig. Ik kan ze goed verstaan, waarschijnlijk omdat ze
de moeite nemen om duidelijk te spreken. Na afloop leer ik een nieuwe
uitdrukking: comida corrida, wat zoiets betekent als wegrennend eten.
Eerst eten en dan hard weglopen. Geintje.

Maandag 17 juli

Ik ben nog maar twee weken van huis. Het lijkt veel langer, waarschijnlijk
omdat ik zoveel verschillende dingen doe.
Vandaag ga ik de bergen in. Het plan is om naar het nationaal park
Aiguestortes te rijden en daar een paar dagen te gaan wandelen. Dit park
ligt in de Pyreneeën maar omdat ik even kwijt ben hoeveel e's daar
in zitten heb ik het in het vervolg maar over Los Pirineos.

Eerst maar eens de stad uit zien te komen. De auto vol kampeerspullen en ik
vol goede moed. Die moed wordt in het drukke maandagochtendverkeer danig op
de proef gesteld. Door alle stoplichten, omleiding vanwege werk aan de weg
en verwarrende richtingaanduidingen kost het me meer dan een uur om op de
snelweg te komen.

Zo'n beetje alle straten, behalve de hele grote, hebben eenrichtingsverkeer.
Dat bevordert de doorstroming enorm. Het is in het begin wel even uitkijken
in welke richting je een bepaalde straat in moet. Dat is wel aangegeven,
maar voor ik doorhad hoe, was ik een paar angstige momenten verder en bevond
ik me in een wijk waar ik helemaal niet naartoe wilde.

Ik heb al eerder genoemd dat de wegen hier iets anders worden aangegeven
dan bij ons. In Maastricht staat Amsterdam al op de borden. Hier staat
slechts zelden een eindbestemming tussen de vele keuzes. Heb je dan je
keuze gemaakt dan kun je maar beter meteen een heel rijtje andere
plaatsnamen in de omgeving op de kaart opzoeken want goede kans dat bij de
volgende afslag een weelde aan nieuwe namen op de borden staat en wat je
net zorgvuldig hebt gekozen ontbreekt.

Onderweg wordt mijn auto af en toe blij gemaakt met een buitje.

De route de bergen in is prachtig. Los Pirineos doen me denken aan Canada,
Yosemite National Park en de Alpen.

Ik kom onderweg diverse campings tegen maar ik wil dichter bij het park
zijn dus rijd nog een stukje verder naar Vall de Boí. Het plaatsje
Boí neem je met de auto in anderhalve minuut. Na nog een minuut of
tien geslinger beland ik in Taüll, een klein plaatsje in de bergen
dicht bij het nationaal park. Daar is ook een camping waar ruim voldoende
plaats is, zeg maar heel erg veel. Ik ben nu al blij dat ik tot hier ben
doorgereden. De camping is prima: douche en toilet zijn schoon, er is een
goed uitgerust washok, een cafe, een vriendelijke staf en het uitzicht is
geweldig.

In de douche is centrale verwarming. Dat zal in de bergen wel nodig zijn.

Terwijl ik de tent opzet voel ik druppels. Een buitje. Voor de zekerheid
zet ik snel de binnentent op, gooi de buitentent er overheen en druk
terwijl mijn t-shirt de eerste tekenen van doorlekken begint te vertonen
provisorisch wat haringen in de grond. Dat wordt boven niet gewaardeerd: er
barst een enorme bui los. Ik schuil in de auto, daar is het veilig.

Na de bui zoek ik een flinke steen die dienst kan doen als hamer, zet de tent
beter vast en wandel naar Taüll. Best een leuk plaatsje met veel
mogelijkheden om wat te eten. Mijn keus valt op Café Sedona vanwege
het kleine terrasje met uitzicht op de bergen en een goede, voordelige kaart.

Aan een van de drie andere tafeltjes zit een belgische familie. Die hebben
hier al een paar dagen gewandeld en vertellen dat het elke middag regent.
Vroeg opstaan dus als je wat wilt zien.

Voor het eerst in twee weken trek ik mijn sweater aan. Het is hier fris !

Café wordt gerund door een Amerikaan. Dat had ik niet meteen door
omdat hij perfect Spaans spreekt zij het met een accent.
Het eten is heerlijk. Verbazingwekkend dat de tent niet vol zit. Maar op de
camping is het ook al zo rustig. Waar zijn dan die hordes toeristen
waarvoor ze me hadden gewaarschuwd ?

Dinsdag 18 juli

Het was koud vannacht. Desondanks heb ik best redelijk geslapen.

Nou kan ik wel meteen proberen de langste wandeling naar de hoogste berg in
het park te maken maar ik ben ten eerste niet goed voorbereid en ten tweede
loop ik dan het risico dat de rest er niet meer zo toe doet. Vandaag wordt
dus een dag van kleine wandelingen, inkopen doen en een beetje wennen aan
de rust die hier heerst. Dat laatste is ook wel nodig na twee weken in zo'n
hectische grote stad.

Eerst maar eens naar het toeristenbureau in Taüll waar ik wat
informatie over het gebied en gratis kaarten met wandelroutes krijg.
Voor vandaag lijkt het me wel leuk om naar het naburige dorp te lopen voor
een bakkie koffie. Op naar Boí dus.

Een mooie wandeling. Daar staat drie kwartier voor, maar ik doe het in een
half uur en dan heb ik onderweg toch echt ruim de tijd genomen voor het
maken van foto's.

Het regent in dit gebied vaak en veel. Waarom staan dan op alle weilanden
sproeiers ? Is dat om het water anders te verdelen of zouden ze hier last
hebben van snel wegtrekkend water ? Dat heb ik ook wel eens als ik sta te
plassen en er komt iemand binnen.

Mensen zijn vriendelijk hier, kijken je aan en zeggen zomaar uit zichzelf
iets. Een extreem geval is de franse dame van 84 die een winkeltje in
ansichtkaarten en toeristische spulletjes runt. Die weet van geen ophouden.
Er is geen woord tussen te krijgen. Wat ik wel onthoud uit deze
spraakwaterval is dat je ervan moet genieten zolang je kunt lopen.
En gelijk heeft ze.
Zij kan vanuit Boí nog naar het hoger gelegen Taüll lopen, maar
niet naar beneden vanwege haar knieëen.

Op de wandelroutes tussen de dorpen kom ik ook al niemand tegen. Af en toe
hoor ik in de verte een auto, maar verder alleen de geluiden van vogels,
krekels en af en toe de tik van een sprinkhaan die een boom over het hoofd
had gezien bij het plannen van zijn sprong.

Ik ben dermate vroeg dat de kroegen in Boí nog niet open zijn en
omdat ik geen zin heb om in de schaduw op een ongezellig terras te gaan
zitten wandel ik maar door naar het volgende dorp, Erill.

De koffie in Erill is erg goed.

Er is een kerkenroute van dorp naar dorp. Je kunt in totaal zo'n tien
dorpen bezoeken en op dit moment zijn er vijf kerken te bezichtigen. Nou
ben ik niet zo kerkerig en heb ik al helemaal geen zin om langs vijf dorpen
te wandelen dus ik houd het bij de kerk van Erill. Het is vooral het
beklimmen van de kerktoren dat me interesseert omdat dat een mooi uitzicht
over het dorp biedt.

Na een uurtje in Erill te hebben rondgelopen ga ik terug naar Boí.
Het is nog niet eens twee uur als ik langs de souvenirwinkel van de
bejaarde dame kom, maar de siësta heeft al toegeslagen. Het hele dorp
verkeert in diepe rust.

Vandaag kook ik zelf. Na de middagbui doe ik de boodschappen in Taüll
en het valt me op dat de mensen die in de winkeltjes werken daar weinig
plezier in lijken te hebben.
Op mijn tent zitten een heleboel vliegende mieren. Nee, dat zeg ik niet
goed want vliegen doen ze nauwelijks, daar hebben ze het te druk voor, maar
het zijn mieren met vleugels. Laten we zeggen vleugelmieren.
Ze zijn gelukkig niet in mij geïnteresseerd, maar des te meer in
elkaar: er wordt driftig gepaard. Af en toe valt er een stelletje verliefde
vleugelmieren in mijn eten, dat is dan weer wat minder maar dat zullen zij
ook wel vinden.

Het eerste dat je doet wanneer je op een camping aankomt is kijken naar de
nummerplaten op de auto's. Zijn er landgenoten ? Stikt het hier van de Duitsers ?
Wie heb ik als buren ? In welke taal moet ik mensen aanspreken ?
Ook op deze camping staan diverse Nederlanders, zoals Mark en Anna waarmee
ik bij de afwas aan de praat raak. Van Mark krijg ik waardevolle tips over
wandelingen in het park.

Woensdag 19 juli

Slecht geslapen vannacht. En het was niet eens koud. Het begon al met
eindeloos geouwehoer van mijn nieuwe buren, twee spaanse jongens. Die
hebben vanmiddag toen ik even niet oplette hun miniatuurtentje vlak naast
de mijne gezet. Hun tentje past wel twee keer in die van mij dus het is
mij een raadsel waarom ze zo hard moeten praten.

Toen ik eenmaal sliep kreeg ik onrustige dromen, dreigend en vervelend
en toen ik wakker werd had mijn blaas dringend behoefte aan een lokale
depressie. Dan maar de tent uit en naar de WC, maar als je lekker warm
in je slaapzak ligt is dat een onderneming waar je even over na moet denken.
En voor je het weet ben je weer een uur verder.

Ik zou dus vroeg opstaan om te gaan wandelen. Om zeven uur rits ik de tent
open en kijk naar buiten. Bewolkt, nat en ik voel druppels. Mooi, ik kan
weer verder slapen. Met regen ga ik niet de bergen in want dan is het veel
te glad. Morgen zijn die bergen er ook nog wel. Wat dat betreft kun je
beter bergvoorspeller worden dan weersvoorspeller, behalve bij van die
ADHD-bergen als de Merapi en de Vesuvius.

Om tien uur word ik weer wakker, redelijk uitgeslapen. Het is nog steeds
raar weer, maar tussen de wolken door is er ook af en toe een stukje blauw
en met een beetje mazzel op de plaats waar de zon is zodat we die ook nog
eens zien.

Toch maar wandelen vandaag. Ik rijd eerst naar de rand van het nationaal
park, voorbij Caldes de Boí. Van Mark had ik gehoord dat je na de
parkeerplaats gewoon door kunt rijden, al heb je het idee dat dat niet mag.
Dan merk je meteen aan het landschap dat je het park binnenrijdt. Het is
ruig en lieflijk tegelijk. Groen, heel veel groen, van bomen, struiken,
gras en mos. En bloemetjes, struiken in bloei en mooie witte stenen die er
voor de sier neergelegd lijken. Maar je rijdt ook tussen indrukwekkende
bergen die toezicht houden op het landschap.
Na een kilometer kom je bij een controlepost waar je een kaartje met routes
en parkregels krijgt en een vuilniszakje. Daarna kun je nog vier kilometer
doorrijden tot vlak onder een stuwdam. Verder moet je het zelf doen.

Als je eenmaal boven op de stuwdam staat is het prachtig. Het is moeilijk
om op te houden met foto's maken en dat doe ik dus maar niet. Gewoon alles
vastleggen.

De route voert langs het stuwmeer, voornamelijk aan de voet van de berg.
Het water in het stuwmeer is super helder. Hier en daar staat in het water
het overblijfsel van een boom die de transformatie van berg tot stuwmeer niet
overleefd heeft.

Na zo'n anderhalf uur krijg ik wel trek en omdat ik druppels voel lijkt het
me een mooi moment voor de lunch. Toevallig sta ik tussen wat grote stenen
waarvan er eentje een overhangende richel heeft, perfect om onder te
schuilen.

Het blijft regenen dus heeft het weinig zin om verder te lopen. Er komt nog
een heleboel regen aan en onweer dus ik houd het voor gezien.

Terug in Boí ga ik aan de koffie in een lokale kroeg waar een paar
mannen naar de Tour de Francia zitten te kijken. Terwijl achter ons de
bergen door een enorme bui aan het zicht onttrokken worden en de straat
verandert in een kolkende rivier rijden ze in Frankrijk over zonovergoten
wegen.

Ook deze bui heeft een einde en dat is een mooi moment om op te stappen. De
Tour de Francia is inmiddels ook over de finish en ik ga inkopen doen in
Taüll. Dat blijft een aparte ervaring. Supermarkt of souvenirwinkel
maakt niet uit, als er geld verdiend kan worden met een glimlach of
vriendelijk woord dan is dat waarschijnlijk verboden.
In het kantoor van de toerische informatie daarentegen is alles gratis:
de uitleg, de kaarten en de lach. Dan kan het dus wèl.

Het drinken van een wijntje met Mark en Anna wordt wreed verstoord door een
enorme donderbui. Genoeg voor vandaag.

Donderdag 20 juli

De hele nacht regen en onweer. Zal mijn wandeling wel doorgaan ? Toch wel.
Ik sta om zeven uur op, pak de meeste spullen in en laat mijn tent staan
in de hoop dat ik die vanmiddag droog kan inpakken.
In Boí is een bank. Daar ga ik eerst geld halen zodat ik vanmiddag
de camping kan betalen. In Boí is ook een openbare kraan. Nou is dat
niet zo bijzonder: die dingen zie je in heel Spanje op de gekste plekken
en het schijnt goed drinkbaar water te zijn dus ik gooi mijn jerrycan vol.
Vanuit Boí vertrekken ook de taxi's naar het
nationaal park. Met een 4-WD-taxi kun je een heel eind het park in komen,
veel verder dan met je eigen auto die je aan de rand van het park moet
laten staan.
Voor acht Euro wil ik wel mee met zo'n taxi. Het zijn allemaal Landrovers
en ze vertrekken als ze acht mensen kunnen meenemen. Al vrij snel hebben we
zeven mensen bij elkaar en dat is ook goed dus we kunnen gaan.
De weg in het park is erg mooi maar ik ben blij dat ik het niet hoef te
lopen. Leuk als je tijd over hebt, maar ik ga voor het echte werk.

De taxi zet ons af op een parkeerplaats in het park waar ik weer een
folder met informatie krijg. Ze moeten wel erg trots zijn op dit park want
alle informatie is gratis. Kom daar in Nederland maar eens om. Daar word je
gedwongen om elke attractie geweldig te vinden door je er grof voor te
laten betalen. Hier vind je het geweldig omdat het dat van zichzelf is.

Narcís had gelijk: het zijn net tuintjes. Netjes aangelegd, hier een
paar stenen, daar een vijver. En tegelijk is het groots.

Onderweg kom ik langs een groepje koeien. Mama koe is niet zo blij met mijn
aandacht en chargeert wat. Zou het komen door mijn felrode t-shirt ?

Er is veel water in dit park. Het stroomt overal in riviertjes, je ziet het
in meren en af en toe komt het met donderend geraas naar beneden als
waterval. Je voelt de vloer trillen. Maar dit is geen metro, dit is natuur.

Boven op de berg ben ik maximaal vijf mensen tegengekomen. Veel verder dan
de eerste refugio komen de anderen niet. Ik verdenk sommigen ervan dat ze
niet verder komen dan het dekkingsgebied van hun mobieltje.
Bij die refugio verandert ook het pad van een grindpad in een rotspad of
soms helemaal geen pad.

Boven op de berg hebben de elementen vrij spel. De berg is het terrein van
echte mannen. Ik ben vooral bezig met het rommelen met plastic zakjes om
mijn spullen droog te houden. Echte mannen... uhhuh...

Beneden kom ik weer mensen tegen, gezinnen met kinderen, oudere mensen met
volstrekt ongeschikt schoeisel en diverse mensen met imposant ogende
wandeluitrusting. Waarom ik die laatste dan niet op de berg ben
tegengekomen is me een raadsel. Die zullen wel andere routes lopen, routes
voor echte mannen.

Na vijf uur wandelen is zo'n taxi naar Boí een uitkomst. Ik betaal
de camping, kan mijn inmiddels droge tent inpakken en ga terug naar
Barcelona, een rit van 300 kilometer waarvan ongeveer een kwart over
slingerende bergweggetjes, nog een kwart over een soort B-wegen door de bergen
en de helft over de snelweg.

Na een paar dagen in de bergen en de natuur is het weer even wennen aan de
stad. Vanaf de snelweg tot in de stad duurt nog eens drie kwartier. Het is
druk en warm.

Vrijdag 21 juli

Vanavond gingen we skaten. "We" is Fabiola en ik. Fabiola ken ik van een
gesprekje in het zwembad. Ze komt uit Mexico, en zit ook een aantal maanden
in deze flat vanwege haar werk.

Om half elf is de Friday Night Skate maar ik denk dat het handig is om eerst
even te zien of Fabiola daar aan toe is, daarom gaan we naar het parkje hier
vlakbij. Daar liggen mooie grote tegels.
Fabiola op haar gehuurde skates. Ze heeft het tien jaar niet meer gedaan dus
het is even wennen. Eerst handje vasthouden, hoe ging het ook alweer met
remmen, stukje door de knieën en als je valt: nooit achterover.

Het gaat een tijdje heel aardig. De Friday Night Skate heb ik al uit mijn
hoofd gezet want daar is ze niet aan toe, maar we kunnen best een tijdje
want rondskaten.

Tot er iemand voorbij loopt die vriendelijk lacht en Fabiola even niet oplet.
Vanuit bijna stilstand valt ze. Achterover natuurlijk. Ze vangt de klap op
met haar arm en waarschijnlijk niet zo handig want het doet meer pijn dan ik
van zo'n val zou verwachten.

Na een kwartiertje op een bankje gezeten te hebben blijkt dat het
skate-avontuur is afgelopen. Ze krijgt steeds meer pijn en de lol is er wel
af. Ik doe haar skates uit want dat kan ze zelf niet meer en we gaan terug
naar de flat. Ze wil een apotheek zoeken om pijnstillers te halen maar dat
kan morgen ook dus ik geef haar wat paracetamol. Na een halfuurtje lijkt
het wat beter te gaan en we wensen elkaar een goede nacht.

Zaterdag 22 juli

Fabiola was vanochtend niet in haar kamer. Een SMSje om te vragen hoe het
met haar arm is wordt beantwoord met "Het ging niet goed, ik ben voor de
zekerheid maar naar het ziekenhuis gegaan".
Dan ga ik daar ook maar naartoe. Misschien kan ik nog wat geestelijke
bijstand verlenen. Het is een klein halfuur lopen en dat is helemaal niet
vervelend.

Het is wel even puzzelen om haar te vinden. Ze blijkt bij de emergencies
te zijn. Daar zijn twee loketten. Achter het ene loket een dame die alle
tijd neemt om een oudere man die het allemaal niet meer zo weet te helpen.
Achter het andere een dame die aan het bellen is. Nadat ze de telefoon
heeft neergelegd lijkt het erop dat ze nog vanalles wil doen maar ze
gebaart toch dat ik mag zeggen wat ik kom doen. Ik begin te geloven dat het
een catalaanse gewoonte is om nors te doen tegenover buitenlanders. Met enige
tegenzin zoekt ze Fabiola op in de computer op en mompelt heel snel iets
waar ik naartoe moet gaan. Ik ga vooral af op de gebaren en loop door de
klapdeuren maar verder kom ik niet. Een grote, uiteraard weinig behulpzame
man houdt me tegen en vraag wat ik daar kom doen. Ik begin het uit te
leggen maar hij laat me niet eens uitspreken en verwijst me terug naar het
loket. Weer tien minuten later ga ik weer door die klapdeuren met een
briefje met de naam van de afdeling maar de buldog is verdwenen. Een
aardige verpleger wijst me hoe ik moet lopen en in de gang komt Fabiola me
al tegemoet met haar arm in een mitella.
Het is niet gebroken, maar verstuikt. Drie weken in het gips.

De rest van de dag doe ik niet veel. De vaart is er een beetje uit.
's avonds ga ik uit eten met Fabiola, Maria en Sergio. Twee Mexicanen,
een Peruaanse en een Hollander gaan Italiaans eten. Het was erg gezellig
en ik denk dat de anderen het ook wel met elkaar kunnen vinden.
Wat ik erg goed vind is dat ze voor mij hun taalgebruik af en toe aanpassen
zodat ik het gesprek en de grapjes ook kan volgen.

Zondag 23 juli

Vandaag staat in het teken van kaas. Eh.. Montserrat. Wat Montserrat nou
precies is weet ik nog steeds niet. Een verzameling kloosters en kapelletjes,
een kerk, een berg of een toeristische melkkoe. Het zal wel een combinatie
van dit alles zijn.

Ik rijd met Fabiola naar de plaats waar we met Sergio en Maria hebben
afgesproken. Op zondagochtend is er weinig verkeer en we zijn met een
kwartier de stad uit. Montserrat is dan nog een halfuurtje rijden. Het
laatste stuk gaat over een mooie bergweg waarbij je na elke bocht de
indrukwekkende bergtop weer ziet.

Op de berg is een compleet circus van restaurant, kabelbaan, stalletjes en
oh ja, misschien wel waar het eigenlijk om gaat, een enorme kerk. Lopend
naar die kerk komen we langs stalletjes met heerlijke kaasjes, honing en
ingemaakte vruchten. Voor de verandering zijn de mensen die al dat lekkers
verkopen echt aardig, zelfs tegen een groepje Engels sprekenden naast ons.
We proeven allerlei soorten kaas, de ene nog lekkerder dan de andere. Dat
kunnen we niet laten liggen en we kopen allemaal wel iets. Dat laten we in
een plastic tasje met mijn naam erop achter bij de verkoopster zodat we het
niet de hele tijd mee hoeven te dragen.

De enorme kerk wordt in lengte overtroffen door een rij mensen die in de
brandende zon staan te wachten om een maagd aan te mogen raken, de Mare de
Deu de Montserrat. Ik maak een grapje dat ik met minder moeite twee maagden
kan aanraken en dan gaan we door een andere ingang naar binnen.

Na een bezoekje aan deze kerk, die best imposant genoemd kan worden,
wandelen we naar beneden. We hebben de grootste lol, maar al gauw wordt
duidelijk dat we de kaas beter mee hadden kunnen nemen. En het brood en de
tomaten. Dit is namelijk een erg mooie route om eens even lekker te lunchen
en bovendien is de ochtend alweer een paar uur geleden en onze magen weten
dat ook. Maar niet getreurd, we kunnen tot vier uur die kaas ophalen en een
beetje afzien past wel bij de vele bijbelse taferelen waarin ook veel
geleden wordt. In elke bocht staat weer zo'n in steen vereeuwigd
bijbelverhaal. Mij zegt het allemaal niet zo veel. Ik ben veel meer bezig
het geweldige uitzicht op te zuigen.

Montserrat betekent iets als "gezaagde berg" en dat is te zien aan de rotsen.
Op sommige plaatsen is de berg afgezaagd zoals je een brood snijdt. Aan de
zijkant kun je goed zien hoe de diverse steenlagen opgebouwd zijn. Aan de
vele kiezelstenen te zien zou je zeggen dat hier vroeger water gestroomd
heeft. Maar we hebben het dan wel over een rots van ruim 1200 meter hoog.

Op een gegeven moment moeten we toch maar eens terug naar boven gaan,
anders is het stalletje met onze kaas verdwenen. Ik heb meestal niet zo'n
moeite met naar boven lopen maar de anderen beginnen na een tijdje toch wat
achter te blijven. Ik stel voor dat ik alvast de kaas ga ophalen maar dat
vertrouwen ze toch niet zo. Stel je voor dat ik ermee vandoor ga.

We halen het makkelijk maar voor de lol spoor ik de anderen aan om de gang
erin te houden. We krijgen visioenen van kaas. De anderen kennen ook de
passage uit "Asterix" waarin Obelix overboord wil springen om everzwijnen
te halen.

Boven gekomen halen we onze kaas op en Sergio ontfermt zich over het tasje.
Op een onbewaakt moment probeert hij ermee te ontsnappen maar ik kan ook heel
hard lopen dus dat gaat niet door. Comida corrida ?  Ik dacht het niet.

Ondanks de zin in lunch gaan we in het enorme restaurant eerst een koud
drankje halen want met het water in onze rugzakken kun je inmiddels thee maken.

Op weg naar de auto komen we langs een mooi plekje in de schaduw. Sergio
en ik gaan de auto halen en de dames bewaken de lunchplek.

En dan eindelijk lunch. Ik wil net gaan zitten als er drie mensen aan komen
lopen met een beetje angstige blik in hun ogen. Of ik startkabels heb.
Ja die heb ik, wil je ze lenen ? Nee, dat was niet de bedoeling geloof ik.
Dan vraag ik of er naast hun auto een auto staat zodat ze de accu daarvan
kunnen gebruiken. Die vraag komt ook niet helemaal over. Deze mensen spreken
een ander soort Spaans dan ik ken. Het soort Spaans van mensen die weinig in
de grote stad komen denk ik.
Hoe dan ook, ik rijd wel even naar hun auto toe. Maar welke is dat ? Ik zeg
dat ze maar even mee moeten rijden. Tegen de tijd dat dat duidelijk is
heeft Sergio ook besloten om maar even mee te gaan, dat is wel handig. 

Hun auto staat een klein stukje naar beneden, zo'n honderd meter verder.
Sergio en ik sluiten de startkabels aan, hun auto start meteen en de
opluchting is groot.
De man geeft me vijf Euro, maar vind ik niet nodig. Graag gedaan hoor.
Dan komt moeder de vrouw en duwt me een tientje in mijn handen met een blik
die zegt "niet zeiken, gewoon aanpakken" en ze rijden weg.

Eindelijk lunch. Nee wacht, eerst nog even mijn Nikon digitale supercamera
van de achterbank halen want mijn ramen staan open. Nu pas besef ik dat die
aardige boerenfamilie ook op de achterbank heeft gezeten, maar hij ligt er
nog. Gewoon prima volk dus. Maar voor hetzelfde geld (een tientje in dit
geval) was het een list geweest. Dat is dan weer een les voor de volgende
keer: die camera gaat niet meer los op de achterbank.

Eindelijk lunch. En nu echt. En lekker. Met brood, tomaten en... kaas.

Op de terugweg komen we langs Minestrol de Montserrat, een dorpje aan
de voet van de berg. Daar gaan we koffie drinken. En er wordt een podium
opgebouwd voor een concert. Daar blijven we nog even voor zitten.
Uiteindelijk komt de band "Gironina", een soort bigband met mannen in smoking
en zangeressen in mooie jurkjes.
Het is niet mijn muziek maar het is wel leuk om het publiek te zien.
Wanneer het nummer "Mexico" dat wij allen kennen van onze zangeres zonder
naam voorbijkomt gaan onze mexi's Sergio en Fabiola uit hun dak.
Mexicohooohooo !!!

Woensdag 26 juli

De schoonmaakster komt zomaar binnen terwijl ik nog lig te slapen. Ze
klopt wel, maar al tijdens het kloppen doet ze de deur open. Mijn kamer is
nog donker en met een slaperig "huh" van mij gaat ze weer. Een half uur later
komt ze weer binnen terwijl ik onder de douche sta. Ik krijg er een beetje
een sik van.

Vandaag staat Tibidabo op het programma. Tibidabo is een berg met een
pretpark en een grote kerk. YACC, ofwel Yet Another Catholic Church.

Fabiola weet welke bus we moeten hebben. Dat is voor een keertje leuker dan
met de metro. Na de busrit lopen we een stuk de berg op, via een dure wijk.
Werkelijk enorme huizen en erg smaakvol. Het zijn vooral kantoren denk ik.
Af en toe komt er een nostalgisch trammetje voorbij.

Tibidabo is inderdaad mooi, zoals Fabi al zei. Het uitzicht is geweldig en
eigenlijk levert zo'n pretpark wel mooie plaatjes op. Het geweldige uitzicht
over begint al bij een cafe waarvan de achterwand ontbreekt. Daar kun je
zittend aan de bar naar Barcelona kijken.

In de kerk bovenop de berg zijn allerlei verhalen uitgebeeld in mozaieken.
Zeg maar een kerk in Gaudi-stijl.

Fabiola moet eerder terug vanwege een afspraak en ik loop terug via
Parc Putget. Dat ligt ook op een heuvel maar dan midden in de stad.
Een oase van rust. Ik vind het heerlijk om even helemaal alleen te zijn.
Als je even de drukte van de stad wilt ontvluchten is dit een prima plek,
zo mogelijk nog beter dan het stadspark want hier is werkelijk
niemand. Wel een openbare kraan. Die dingen komen trouwens ook goed van pas
bij het skaten. Als je een beetje door hebt waar ze staan hoef je minder water
mee te nemen. Je moet dan wel voor lief nemen dat het naar chloor smaakt.

Dit is ook de wijk waar Parc Güell in ligt. Hier skaten laat ik maar uit
mijn hoofd. De straten zijn hier wel heel erg steil.

Heel apart: nu ik veel met mijn neus in de spaanse woordenboeken zit
ontdek ik hoeveel woorden er zijn voor seks. Het lijkt wel of alle
werkwoorden die een beweging aangeven als bijbetekenis neuken hebben.
Het kan natuurlijk ook komen door een gebrek aan beweging dat me dit zo
opvalt.

Toch valt het met dat gebrek aan beweging wel mee. Sinds ik heb ontdekt dat
skates een prima vervoermiddel zijn in Barcelona doe ik veel op die dingen.
Het gaat veel sneller dan lopen en over vlak terrein vaak sneller dan alle
andere vervoersmiddelen. Zelfs de fiets ben je vaak te slim af door over
stoepen te skaten. Raar dat je toch zo weinig mensen op skates ziet.

Gisteren was ik op de skates naar de haven gereden. Via de grote Carrer
Marina ben ik daar in minder dan een kwartier. Zou ik dat met openbaar
vervoer willen doen dan zou me dat minstens drie kwartier kosten: wandelen
naar het dichtstbijzijnde metrostation, metro naar Urquinaona, overstappen op
de lijn naar Barceloneta en dan nog een minuut of twintig lopen. Het hele stuk
wandelen kan natuurlijk ook, dat is waarschijnlijk nog sneller.

Affijn, in die haven zag ik een zeil- en surfschool. Volgende week ga ik een
cursus windsurfen doen. Dat heb ik al heel lang willen leren. Niet dat ik van
plan ben om het vaak te gaan doen, maar ik wil het gewoon kunnen.

's avonds trad een flamenco-groep op in Caixa Forum, een tamelijk actief
cultureel centrum. Maria had al gezegd dat we daar op tijd moesten zijn en
het liep inderdaad snel vol, maar wij hadden prima plaatsen.

Ze waren met zijn vijven. Een zanger die al zijn hartepijn met ons deelde,
een caja-speler, djembe-speler, een virtuoze gitarist en
een violist die voor wat extra visuele ondersteuning zorgde door met zijn mond
allerlei spreekbewegingen te maken tijdens het spelen.

Al met al een erg goed groepje met mooie nummers. Ze speelden drie kwartier,
precies genoeg.

Donderdag 27 juli

Gisteren kwam ik vanwege het flamenco-concert op Placa España. Daar
vandaan kun je het Museo d'Art de Catalunya zien, een statig paleis. Naar
de inhoud van het museum ben ik niet zo nieuwsgierig maar naar de omgeving
des te meer. Het paleis ligt namelijk aan de voet van de Montjuic en daar
achter liggen allerlei sportvelden en zwembaden die gebruikt zijn bij de
Olympische Spelen van 1992.

Om een of andere reden wemelt het hier van de Fransen. Zouden die op het
paleis afkomen omdat het ze doet denken aan Franse paleizen ? Komen ze voor
de kunstcollectie ? Of is er gewoon een reisboek in het Frans waarin deze
plek enorm benadrukt wordt ?

Achter het paleis kun je verder omhoog lopen naar de sportvelden. Daar
staat ook een enorme telecommunicatietoren met een typische vorm. Het heeft
iets van een windmolen of de mast van een zeilboot met spinaker.

Omdat het begint te gieten hou ik het verder voor gezien en ga op zoek naar
wat te eten.

Placa Reial ligt op een steenworp afstand van de beroemde Rambla de
Catalunya. Het is een mooi en vooral gezellig plein, volledig omgeven door
hoge appartementen. Op de begane grond zijn talloze restaurants. Ik besluit
om nog eens te proberen alleen aan tafel te gaan. Deze keer tref ik een
vriendelijke en geduldige ober die plezier heeft in zijn werk. En de verse
paella is erg lekker. Eindelijk redenen om iemand een fooi te geven.

Op het Placa St. Jaume vindt een herrie-demonstratie plaats tegen het
"Massacre Bushionista", of meer precies al het gezeik van Israel en de VS
in het Midden Oosten. Een paar honderd mensen staan herrie te maken met
wat ze maar konden vinden: ik zie veel pannen en bijbehorend bestek om
erop te slaan, sommigen slaan colablikjes tegen elkaar en als je alleen je
sleutelbos bij je hebt kun je ook daarmee nog tegen een hek tikken.
Ik baal want ik heb zelfs geen sleutelbos bij me. En om nou te gaan
staan klappen voelt teveel als applaudiseren. Dan maar wat foto's maken om
dit tafereel aan de rest van de wereld te laten zien.

El Mojito is een discotheek waar veel salsa gedanst wordt. Dat mag je met
zo'n cubaanse naam ook wel verwachten. De mojito's zijn bijzonder lekker.
Daar betaal je dan ook wel zeven Euro voor, maar als je iets drinkt hoef je
de vijf Euro entree niet te betalen. Wel een goed systeem eigenlijk.

De dansvloer is stroef, het is er niet uit te houden zo warm, maar de
muziek is prima. Nou alleen nog iemand om mee te dansen.

Vrijdag 28 juli

Het is bewolkt, klef weer. Warm en plakkerig. Een mooi moment om naar een
museum te gaan. Het maritiem museum lijkt me wel wat. Leuk bootjes kijken.

Bij de entree van het museum krijg je een aantal opties, zoals alleen het
museum, een expositie over piraten, met een lift naar de top van het
Columbus-monument en een boottochtje door de haven. Ik kies voor het museum
plus boottocht.

Ook in dit museum heeft de technologie toegeslagen en zijn gidsen vervangen
door een soort MP3-speler met koptelefoon. Ik krijg op verzoek de spaanse
versie mee. Zelfs als dat betekent dat ik maar veertig procent meekrijg van
wat gezegd wordt is het me dat wel waard om weer wat Spaans te leren.

Ze hebben inderdaad bootjes genoeg. En één hele grote, "La Galera Real",
een galei waar vroeger de zeeën al roeiend mee werden bevaren. Deze
replica neemt een groot deel van het museum in beslag. De hele geschiedenis
van de zeevaart in Catalunya komt voorbij. Op oude zeekaarten zie ik in oud
Nederlands geschreven aanduidingen van continenten en breedtegraden.
Verder veel modellen in glazen kasten. Modellen van schepen wel te verstaan.
We zijn hier niet in Amsterdam.

Als ik buiten kom is de lucht blauw en het voelt goed. Dan maar meteen
mijn boottochtje doen.

Terwijl ik op het bovendek zit te wachten hoor ik "I'm not in love" van 10CC.
De eerste single die ik zelf kocht in 1975 en heel toepasselijk. Nog
toepasselijker zou zijn "I'm not in love and I feel good".

Het wordt een leuke boottocht. Vanaf de boot zie ik het kasteel op de
Montjuic en de containerhaven, maar nu vanaf het water. Werkelijk enorme
vrachtschepen liggen hier. De galei die in het museum ligt past daar
meerdere keren in.

Enorme cruise-schepen. Eigenlijk ben ik best nieuwsgierig hoe dat is, zo'n
cruise. Het lijkt me helemaal niks maar ik kan er geen oordeel over hebben
want heb het nooit geprobeerd.
Hoe vaak hoor je niet "ze hebben elkaar op een cruise leren kennen". Maar ja,
je kunt ook vrienden maken op de EO-jongerendag en dat trekt me ook niet.

Mare Magnum is een winkelcentrum met allemaal sjieke dure winkeltjes. Er zijn
ook cafeetjes en terrasjes. Ik kies voor een tafeltje half in de schaduw op
het terras van een tapas-restaurant. Dat blijkt een goede keus. Een aardig
meisje komt de bestelling opnemen. "Die gebakken pimientos zijn wel pittig
hoor", waarschuwt ze nog, maar ik wil ze toch wel proberen.

De mooie locatie, lekkere tapas, het bier om de pimientos weg te spoelen en
een plekje onder de parasol maken dat ik hier een tijdje blijf zitten. En
natuurlijk het personeel, dat echt plezier in het werk lijkt te hebben. 

Toch is het opvallend hoe leuk het bedienend personeel ineens is. Ze hebben
vast mijn recensies gelezen.

Bij de supermarkt kwam ik een van de sympathieke spaanse bewoners van deze
flat tegen. Hij baalde want hij moest voor werk naar Malaga en had de hele
dag op het vliegveld rondgehangen.

   Op de luchthaven van Barcelona is het
   vliegverkeer weer op gang gekomen.Naar
   verwachting vertrekken de vluchten deze
   ochtend weer volgens schema.Gisteren
   lag het vliegveld de hele middag plat
   door een actie van grondpersoneel van
   Iberia.Dat blokkeerde een startbaan.

   Zeker 544 vluchten werden geannuleerd
   door de verkeersleiding,omdat landen of
   opstijgen te gevaarlijk was.Duizenden
   reizigers en toeristen zijn gedupeerd.

Uiteindelijk ging hij maar met de bus, een rit van dertien uur !

De Friday Night Skate was weer leuk. Allemaal gesprekjes met verschillende
mensen. Zoals met die twee jonge meisjes uit Sevilla. Daar schijnen ze heel
snel te spreken en de woorden af te kappen. Mooi, dat scheelt een hoop
ballast. Voor mij doen ze hun best om netjes te spreken, want ik heb die
ballast nog wel nodig.

De groep is vandaag niet zo groot als twee weken geleden. Augustus is de
vakantiemaand in Barcelona en het lijkt erop dat de uittocht is begonnen.
Die werd ook breed uitgemeten aangekondigd in de kranten. Er zouden vandaag
en morgen een half miljoen mensen de stad uit gaan.
Ik denk dat ik mijn vakantieperiode precies goed gekozen heb. In augustus
zijn veel winkels dicht of alleen 's ochtends open, het openbaar vervoer
vertoont hiaten en het is hier heet.

De skate-route was mooi, door de oude binnenstad met al die kleine straatjes
en langs diverse plaatsen waar ik te voet al geweest was. Het ging wel
tamelijk langzaam, maar eigenlijk is dat ook wel eens lekker. In plaats van
de beenspieren werden vooral de kaakspieren getraind.

Verder kwam ik weer diverse 'bekenden' tegen. Leuk hoor: twee weken geleden
ben ik op donderdag en vrijdag mee geweest en meteen hoor ik erbij. Echt
een ideale manier om mensen te ontmoeten. Er doen ook mensen mee uit
allerlei uithoeken van de wereld. Ik heb vanavond een Canadees, een
Australische, een Francaise en een paar Catalanen gesproken.

Zaterdag 29 juli

Maria heeft weer een feestje bij mensen thuis geregeld, deze keer in de
buitenwijk Badal. Het speelt zich af in een vrij nieuwe flat op de achtste
verdieping. Vanaf het balkon heb je een mooi overzicht over de stad.
Gek om te bedenken dat onder de brede laan waaraan de flat ligt een drukke
autoweg loopt.
Ondanks het mooie uitzicht hoef ik er niet te wonen. De flat is vreselijk
benauwd en warm. Iedereen was dus ook op het balkon te vinden.

Zodra we binnenkomen worden we besprongen door de aanwezigen die gretig
allerlei vragen beginnen te stellen. Mij iets te gretig, het is net of ze
allemaal aan de speed zijn. Het heeft iets van een enge film.

Er zijn veel Italianen. Die vinden mijn t-shirt met "Giovanotti" erop
wel interessant. Dat schijnt namelijk een hele erge beroemde zanger te zijn.

Een Duitse begint me uit te horen over wat ik doe, waarom ik hier ben en
ze gebruikt wat ik zeg direct als aankopingspunten om over zichzelf
te vertellen, in het Engels, Spaans of Duits, want dat spreekt ze allemaal
en naar eigen zeggen erg goed.

Ze verliest haar interesse in mij net zo snel als het was opgekomen.
Misschien omdat ik 43 ben terwijl ze mij 32 had geschat, maar het kan ook
te maken hebben met het feit dat ik geen MSN heb.

Ik word gevraagd naar Nederlandse liedjes, een verhaal over Nederland,
maar ik kan niks Nederlands bedenken. Mijn hoofd zit momenteel vol met
Spaans en ik kan me nauwelijks iets uit Nederland herinneren. Ik denk dat
ze mij niet zo'n feestnummer vonden, maar toch was het nog moeilijk om weg
te komen. De meute wilde naar de disco en wij moesten ook mee.

Gelukkig lukt het nog om de laatste metro te halen. Met die laatste metro
gaan wel veel weirdo's mee. Eentje gooit een bierflesje vanuit de
stilstaande metro naar een aan de muur hangende prullebak. Mis natuurlijk,
waardoor het flesje tegen de muur uit elkaar spat. Ik liep er vlakbij maar
kom goed weg.

Zondag 30 juli

Op zondag van vijf tot zes wordt er beach-volleybal gespeeld op het strand
bij Montgat Nord. Dat leek me wel leuk, al was het maar om te kijken.
Gema zou ook gaan en Sergio had ook wel zin. Halverwege de middag heb ik ze
maar eens gebeld, maar kreeg geen van beiden te pakken. 
Dan ga ik gewoon maar met de trein naar Montgat Nord zodat ik ook weet hoe
dat werkt en stuur ze een SMSje zodat ze weten dat ik daar alvast naartoe ga.

In Montgat Nord aangekomen heb ik nog steeds geen bericht terug dus ga maar
wat over het strand wandelen en af en toe ergens zitten. Voor mij is een
gemiddeld strand even boeiend als aanschuiven bij een diner wanneer je net
gegeten hebt. Ik ben het dus snel beu en ga dat volleybalveldje maar eens
zoeken.

Dan krijg ik een SMS van Sergio. Die is net wakker en komt niet. Het is
inmiddels tegen half zes, bij het volleyveld is niemand te bekennen en ik
ga wandelen naar het volgende dorp. Wanneer ik halverwege ben krijg ik een
SMS van Gema dat ze later komt. Voor mij hoeft het niet meer, ik heb geen
zin om terug te lopen.

Het volgende dorp is El Masnou. Sjieke huizen, mooi uitzicht op Barcelona
waarvan in de verte door de nevel alleen een contourplaatje te zien is.
Ik kan de twin towers, de enorme zonnecollector bij het Forum, Montjuic,
Tibidabo en de Torre Agbar duidelijk onderscheiden.

Na wat rondwandelen houd ik het voor gezien en neem de trein terug naar
Barcelona. We komen langs het volleygedeelte waar nu wel mensen aan het
volleyen zijn, maar ik heb geen zin meer.

Maandag 31 juli

Mijn eerste les windsurfen ging volkomen kut. Ik lag voornamelijk in het
water. Sta ik goed en wel op die plank dan gaat het mis zodra ik het zeil in
mijn handen heb. Het is een kwestie van veel oefenen zeggen ze.
Instructie kregen we niet. Het lijkt erop dat we de eerste dag maar gewoon
moeten aanklooien om een beetje door te krijgen hoe het voelt.

Dinsdag 1 augustus

Het surfen ging vandaag nog kutter dan gisteren. Er was bijna
geen wind maar wel enorme golven. Ik heb welgeteld één keer het gevoel
gehad dat ik surfte, voor de rest was het een en al ellende.
Ik zit nog wel na te deinen, dat is misschien wel een goed teken.

Bij de spaanse les leer je dat "Tot ziens" in het Spaans "Hasta luego" is.
Maar dat zeggen ze hier niet. Het klinkt meer als "Weo". Als je netjes
"Hasta luego" zegt kijken ze toch een beetje raar. Vanaf nu ga ik het eens
met "Weo" proberen.

Chinezen maken hele goedkope waaiertjes. Zo'n prul koop je al voor een
Euro. Maar ze verkopen er wel heel veel want je ziet ze overal. Vooral in
de metro, waar de temperatuur vaak nog een stuk hoger is dan boven.

Toch is dat raar want op de perrons en de trappen waait het meestal. Ik denk
dat dat te maken heeft met de enorme hoeveelheid lucht die door de treinen
verplaatst wordt en niet zozeer met de aanvoer van frisse lucht.

's middags ga ik weer eens in het Park Güell kijken. Daar ben ik drie
jaar geleden ook geweest maar het is toch leuk om het weer te zien. De mooie
mozaïekbankjes en natuurlijke vormen van de hand van Gaudi blijven de
moeite waard.

Op de terugweg ga ik kijken of ik het huis van Miquel nog kan vinden en ja
hoor, maar bij de voordeur tref ik zoveel belknopjes aan dat ik geen idee
heb welke ik moet hebben. Gelukkig heb ik Miquel's telefoonnummer bij me.
Geen idee of hij nog hetzelfde nummer heeft, maar de tweede keer neemt hij op.
Leuk, hij gaat meteen biertjes halen bij de super om de hoek en we kunnen weer
eens bijpraten na twee jaar geen contact.

Van Miquel hoor ik dat "Weo" eigenlijk "Adeu" is, dat Catalaans is voor
"Adios". Zie je wel, ze zeggen dus helemaal geen "Hasta luego".

Ik voel me tamelijk beroerd. De golven zitten nog in mijn hoofd geloof ik.

Woensdag 2 augustus

En weer waren de golven hoger dan gisteren en ze kwamen uit verschillende
richtingen. Net als de wind, die vandaag wel waaide. Niet dat ik daar veel
aan had want ik kon door de golven toch niet lang genoeg op mijn plank blijven
staan om iets te doen dat leek op surfen.

Volgens de instructeur, of liever gezegd degene die ons af en toe naar
hoger water sleepte zodat we weer een kwartiertje konden afdrijven, zijn de
surfplanken die we gebruiken eigenlijk niet geschikt voor iemand met mijn
gewicht. Daar komt hij dan na drie dagen mee. Daarom kunnen die twee zwitserse
jochies waarmee ik een klasje vorm er langer op blijven staan. Iets langer.

Ik ben nog niet helemaal gerustgesteld. Hij kan dit ook zeggen om mij het
idee geven dat ik geen hopeloos geval ben, maar toch ga ik in Nederland op
zoek naar een surfschool met brede planken.

Donderdag 3 augustus

Eindelijk wind en bijna geen golven. Heerlijk ! Nu konden we tenminste surfen.
En het ging goed ! Oploeven, afvallen, zeil open en dicht, ik kon zelfs een
deel van een rondje varen. Uiteindelijk is het natuurlijk hetzelfde als zeilen
dus het werken met de wind had ik snel door. Een beschrijving op het internet 
werkte ook verhelderend. Voor het begrip van de wind moesten we het niet van
de instructeur hebben. Die zei alleen maar dat surfen makkelijk is.

In ieder geval ben ik gerustgesteld: er is hoop dat ik kan leren surfen.

Na het surfen begin ik me af te vragen wat ik nog in Barcelona te zoeken
heb. Ik zou morgenavond nog kunnen gaan skaten, maar ik heb overal
spierpijn en blauwe plekken en als ik val kan ik niet naar huis rijden.
Ik zou nog eens uit kunnen gaan, dat heb ik eigenlijk vrij weinig gedaan.
Maar het nachtleven begint hier pas na middernacht en dan vertrek ik dus
op zijn vroegst morgenmiddag.

Tijdens deze overpeinzingen loop ik allerlei dingen in te pakken, schoon
te maken en alle kasten en lades leeg te maken. Onbewust heb ik de
beslissing natuurlijk al lang genomen: ik ga vanmiddag weg. Alleen mijn
bewustzijn moet nog even aan het idee wennen.

Ik stuur Narcís een SMS met de vraag of hij suggesties heeft voor een
camping in Calella, waarop hij er twee noemt: La Siesta en Moby Dick.
La Siesta is beter en Moby Dick dichter bij de zee, schrijft hij.

Na het inladen van mijn auto en het uitchecken uit Residencia Onix rijd ik
rond zes uur Barcelona uit. Inmiddels ken ik de stad en de manier waarop
hier de wegen worden aangegeven goed genoeg om in een kwartier op de
snelweg te zitten. En dan ook nog op de juiste snelweg. Mij krijgen ze
niet meer gek.

Calella de Palafrugell. Niet te verwarren met Calella aan de Costa del
Maresme, een van de meest toeristische stukjes spaanse kust. Nee, Calella
de Palafrugell is wel toeristisch, maar heeft zijn authentieke sfeer
redelijk behouden. Hier vind je geen mega-hotels, hoogbouw is verboden en
ook Adje Patatje ontbreekt.

Eigenlijk vind ik Calella vanaf het moment dat ik het binnenrijd best een
leuk plaatsje. De twee campings die Narcís noemde staan al bij
binnenkomst aangegeven en ik ga eerst eens kijken bij La Siesta.

Per nacht per persoon kost La Siesta 33 Euro. We hebben het over een
camping, geen driesterrenhotel. Ik weet wel dat je niet meer naar guldens
mag omrekenen, maar zelfs in Euro's vind ik dit veel.

Bij camping Moby Dick sta ik voor 15 Euro per nacht. Het is dan misschien
wel minder sjiek, maar een zwembad, computergestuurde wasmachines en
wekservice heb ik niet nodig op een camping dus ik ga mijn tentje bij Moby
Dick opzetten.

Ik krijg een plekje toegewezen voor één nacht. De volgende
dag moet ik verplaatsen want ik sta op een plek die eigenlijk voor grote
tenten is of zoiets. Dat zien we morgen dan wel weer.

De grond is tamelijk hard en ik ben blij met mijn nieuwe rotspennen en
stalen haringen. Er steekt een flinke wind op en het zou jammer zijn als ik
vanavond al naar een ander plekje waai dus ik zet mijn tent goed vast.

Dan is het tijd voor een biertje en een boterham. Een beetje vreemde
combinatie misschien, maar bij het schijnsel van de vuurtoren in de verte
en mijn eigen olielampje dat de wind trotseert best aangenaam.

Vrijdag 4 augustus

Een nadeel van laat aankomen in het hoogseizoen is dat de mooie plekjes al
weg zijn. Mijn tentje staat onder een helling van enkele graden en ik dacht
dat ik daar geen last van zou hebben als ik maar met mijn hoofd aan de
bovenkant lig. Daarbij had ik geen rekening gehouden met het gebrek aan
wrijving tussen mijn slaapzak en matje. De hele nacht ben ik dus bezig
geweest om niet naar het voeteneind te glijden. Tamelijk vermoeiend en niet
bevorderend voor het slapen.

Maar goed, ik moest toch verkassen vandaag, dus dan kan ik een horizontaal
plekje zoeken. Mijn duitse buren gaan vandaag weg en laten een enorme
ruimte achter. Daar kan mijn tentje mooi staan. Ik schuif een stukje op en
zie wel of ik weggestuurd word.

Narcís komt me tussen de middag halen en we rijden naar een iets
verderop gelegen strandje. Hij heeft vrouw en kinderen bij zich en die
willen zwemmen. Na een korte maar mooie wandeling storten we ons in de zee.
Het strand ligt vol, maar in het water is voldoende plek.

Na de strandpret gaan we wat eten in het vakantiehuis van de ouders van
Isabel. Dat is ruim en mooi gelegen in een groepje soortgelijke huizen die
zijn gerangschikt om het zwembad.

Narcís loopt met me mee naar de camping en daar nemen we afscheid.
Na een gezellige middag is het goed slapen, dus ik ga een uurtje liggen.

Om middernacht is het nog 26 graden. Dat weet ik omdat ik nog even wat ben
gaan eten in het dorp en teruglopend via de boulevard een thermometer zie.

Zaterdag 5 augustus

Ik wil eerst naar het Dalí-museum in Figueres en daarna misschien
naar Cadaquès, waar het huis van Dalí staat. Om half elf ben
ik in Figueres en volg de bordjes naar het museum. Omdat ik geen zin heb om
het centrum in te rijden zoek ik een parkeerplaats buiten het centrum en ga
lopen. Zo ver kan het toch allemaal niet zijn.

Inderdaad, het is nog geen vijf minuten lopen naar het museum. Waarom ze
dat gratis parkeerterrein dan niet op de bordjes zetten is me een raadsel
maar ik ben er blij mee.

Bij het museum blijkt dat ik niet de enige ben die het werk van Dalí
wil zien. Het is nog vroeg maar in het museum is het al een gezellige
drukte. Bij elk kunstwerk staan mensen gezellig in de weg en bij elke
ruimte staan we gezellig in de rij. En het wordt steeds gezelliger.

Het kan me eigenlijk helemaal niet boeien. Die Dalí heeft mooie
dingen gemaakt en vooral ook heel erg veel verschillende dingen, maar mijn
hoofd is al bij de terugreis. Ik heb genoeg van de drukte, de verliefde
stelletjes en ben ineens heel erg moe.

Ik koop een paar boeken over Dalí zodat ik het thuis nog eens op
mijn gemak kan bekijken en verlaat het museum. Voor de ingang staat inmiddels
een rij van vijftig meter. Gezellig.

In de verte zie ik bosbranden ten oosten van de lijn Girona-Figueres, zo'n
beetje in de buurt van L'Escala. Er staat een stevige noordenwind. Dat maakt
het rijden nogal onrustig maar het lijkt me vooral een ramp voor de brandweer.

Het is een stuk drukker op de weg dan toen ik hier naartoe kwam. In Frankrijk
staat het af en toe vast bij de tolpoorten, maar verder rijdt het redelijk
door. Aan de overkant staan lange files richting Spanje.

Ik rijd door tot Macón waar ik een hotel wil zoeken. Op de borden
staat alleen Macón-Zuid, dus ik ga ervan uit dat er ook nog een
afslag Macón-Centrum komt, maar die blijft uit. Dan rijd ik maar een
stukje door en kom bij Chalon s/ Saone. Dat klinkt ook wel goed, dus ga ik
daar mijn geluk beproeven.

Het is inmiddels donker en het valt in eerste instantie niet mee een hotel
te vinden. Ik had een nogal groezelig hotel aan de rand van de stad gezien
en een redelijk uitziend hotel bij het station is gesloten vanwege vakantie.
Dan kom ik langs een hotel van de Best Western keten.

Ja hoor, we hebben wel een kamer, zegt de jongedame bij de receptie. Met
bad kost 95 Euro, met alleen douche 87 Euro. Dat is iets meer dan ik in
gedachten had en dat leest ze af aan mijn gezicht. Is dat teveel ? Ik vind
van wel, waarop ze zegt dat ze me een kamer met douche kan aanbieden voor
76 Euro. Ik ga de kamer even bekijken en ga ermee akkoord want ik heb geen
zin om 's avonds om tien uur in het donker in een vreemde stad nog verder
te zoeken. Bovendien kan ze me gratis de parkeergarage aanbieden dus mijn
Renaultje staat veilig.

Zondag 6 augustus

Om half negen zit ik weer in de auto. Ontbijten doe ik wel onderweg. Het
is nog niet druk op de weg en het is prima weer om te rijden. Dijon, Nancy,
Metz, Luxembourg. In Luxemburg even tanken want de benzine is hier erg
goedkoop.

Bij Liège (Luik) is een knooppunt waar je binnen een paar honderd
meter vier keer een richting moet kiezen en de weg bij elke keuze scherp
afbuigt om onder een andere door of over een andere heen te gaan waardoor
je vaak nog in de bocht de volgende keuze al moet maken.
Voor me rijdt een nederlandse Opel Corsa die daar duidelijk moeite mee
heeft. De inzittenden zitten druk te gebaren en het wagentje slingert van
links naar rechts, niet zelden over de doorgetrokken streep of de vluchtstrook.

Ik moet zelf ook enorm opletten want je krijgt telkens maar één kans.
Uiteindelijk vinden we allebei de weg naar Maastricht. Je vraag je af hoe
het mogelijk is dat er nog zo veel mensen Maastricht bereiken.

Direct na de grens verandert het wegdek van ruw beton in glad asfalt.
Het is fijn om weer in eigen land te zijn.